Efficiënt watergebruik: een uniforme beregening
Sproeierprofiel
Kengetallen
Bepalen van de uniformiteit
Resultaten

Het waterverbruik van een tuinbouwbedrijf wordt bepaald door het gebruik
van het beregeningssysteem. Van zowel teler als installateur wordt
een
kennis vereist rond afgifte en waterverdeling van het irrigatiesysteem.
Zowel sproeier als sproeierafstanden zijn in dit opzicht van belang.
In dit project hebben we getracht we richtlijnen en instructies op
te
stellen rond optimaal en efficiënt gebruik van de beregeningsinstallatie.
Een doordachte beregeningsstrategie is van belang voor de waterhuishouding
van ons milieu.
Sproeierprofiel: basis van een gelijkmatige
waterverdeling
In de spuittechniek wordt veel aandacht geschonken aan een gelijke
verdeling van de spuitvloeistof. Zowel voor de veldspuit in de vollegrond
als voor de spuitmast in de serre is overlapping van groot belang voor
een gelijkmatige verdeling van de actieve stof over het gewas of de
grond.
Ook in de beregeningstechniek is een gelijke verdeling van het water
belangrijk. Naast de milieuredenen is het bekomen van een uniform gewas
een voorname reden.
Nu is het wel zo dat de sproeiers die worden gebruikt voor de beregening
wel sterk verschillend zijn van deze van de spuittechniek. Zodat een
gewone overlapping wat gebruikelijk is in de spuittechniek niet zomaar
leidt tot een uniforme waterverdeling in de beregeningstechniek.
Het neerslagprofiel van een sproeier, ook wel sproeierpatroon genoemd,
is een belangrijk gegeven voor de ontwerper van een beregeningsinstallatie.
Dit profiel kan sterk variëren en is bepalend voor de mogelijkheden
die aan de ontwerper worden gegeven om te komen tot een installatie
met een uniforme (gelijke) waterverdeling. Elk sproeiertype geeft een
ander neerslagpatroon. Zelfs binnen een zelfde type van sproeier kan
het neerslagpatroon sterk wijzigen door gebruik van andere sproeimonden,
rotors (swivel), of tussenstukken. In figuur 1 zien we het neerslagpatroon
van enkele sproeiers.

Figuur 1: Neerslagprofielen van serresproeiers.
Het profiel van een zelfde sproeier op zijn beurt verandert door de
druk en door de hoogte.
Een hogere druk zal bijna altijd leiden tot niet alleen een hogere waterafgifte
maar vaak zien we ook een verhoogde waterafgifte rond de sproeiers.
Dit komt doordat een verhoogde druk aanleiding geeft tot meer kleine
druppels die niet ver reiken. Deze zijn ook meer windgevoelig en bijgevolg
zal de wind een grotere invloed hebben op de waterverdeling.
 |
 |
Figuur 2: Neerslagpatroon van een zelfde sproeier
bij verschillende drukken. |
Figuur 3: Invloed van de hoogte op sproeipatroon. |
Vandaag de dag worden de serres alsmaar hoger. Het effect van een
beregeningslijn die 1 – 2 m hoger komt te liggen is niet altijd
hetzelfde. Vaak zien we dat het profiel licht wordt gewijzigd. (zie
figuur 3)
Kengetallen
Om nu een installatie te kunnen beoordelen zijn kengetallen noodzakelijk.
De kengetallen zeggen iets over de eigenschappen en mogelijkheden van
de installatie. Het oordeelkundige gebruik zal verbeteren wanneer we
deze getallen kunnen hanteren.
Neerslag.
De gemiddelde neerslag is een eerste kengetal waar we als tuinder mee
werken. Het is een gegeven dat bepaalt hoelang een beregeningsbeurt
mag duren om een neerslag van bijvoorbeeld 10 mm te geven. Een installatie
van 25 mm/u ten opzicht van eentje van 150 mm/u is een hemels breed
verschil in gebruik. Als een tuinder overschakelt van de klassieke steeldop-sproeier
naar een roterende sproeier zal dit een grondige aanpassing vragen van
de manier werken met zijn installatie. Een veel gemaakte fout is dat
waar we met een steeldopberegening vlug te veel water aan ’t geven
zijn we met een installatie van 20-30mm/u snel te weinig water geven.
Vooral op die plaatsen waar de neerslag het kleinst is.
Om nu een idee te vormen van deze droge plaatsen en de waterverdeling
van de installatie bestaan andere kengetallen.
Uniformiteit
DU, Distributie Uniformiteit, is zo een kengetal.
Dit is een gemakkelijk te berekenen kengetal dat de droogste plaatsen
gaat vergelijken met de gemiddelde neerslag. De DU vindt vooral zijn
toepassing bij teelten en teeltmethoden waar horizontaal watertransport
tot een minimum is herleid. Dit wil zeggen dat de groei voornamelijk
wordt bepaald door het beregeningswater dat van boven komt, voorbeeld
sla, radijs of trayplanten van aardbeien. Het belang van het kengetal
kan best worden aangetoond met onderstaande tabel 1.

Tabel
1: Betekenis van Distributie Uniformiteit (DU).
Bij een waterbehoefte van 15 mm en een installatie met een DU van
80 % en capaciteit van 30 mm/u gaan we 38 minuten moeten beregenen om
op de droogste plaatsen toch deze 15 mm te kunnen geven. Dit betekent
dat we 25% overberegenen.
Uit testen uitgevoerd door het Kempisch Vormingscentrum voor Land- en
Tuinbouw durven we stellen dat een DU van 90 % haalbaar is.
Bepalen van de uniformiteit.
Met een neerslagpatroon (Single leg Profiel) kunnen we gaan simuleren
op welke afstanden een hoge uniformiteit wordt bekomen. In tabel 2 wordt
voor een aantal sproeiers bij een druk van 2 bar de uniformiteit en
neerslagintensiteit weergegeven. Dit zijn theoretische waarden die praktisch
kunnen worden nagegaan met een Matrix meting (“Full grid”)
Op de foto zien we dergelijke meting van een praktijkopstelling in de
landbouwhal op de Katholieke Hogeschool Kempen.

Foto
1: Opstelling van een matrix meting ("Full Grid").
Resultaten
In tabel 2 zijn de “ Full grid”-resultaten van een aantal
interessante afstanden weergegeven. We stellen vast dat meestal een
kleine tot soms grote toegeving moet worden gedaan op de waarden bekomen
uit de theoretische simulaties. De verandering van de kengetallen wordt
onder meer veroorzaakt door drukverschillen, de plaatsing van de sproeier
op de regenleiding, terrein invloeden (zoals constructie en andere obstakels),
windinvloed en constructie van de sproeier zelf.De resultaten zijn deze
van binnen het beregeningsperceel. De zijkanten vragen steeds voor een
aangepaste oplossing.

Tabel
2: Resultaten simulatie en matrix meting van enkele serresproeiers.
Besluit:
Water geven is een niet te onderschatten teelthandeling. Maar al te
vaak zullen oogst of groeiresultaten afhangen van een oordeelkundig
gebruik van de beregeningsinstallatie. Niet verwonderlijk dus dat de
kwaliteitseisen gesteld aan de beregeningsinstallatie steeds hoger worden.
Uniformiteit is de eerste vereiste die we moeten stellen. Vandaag de
dag zijn mogelijkheden aanwezig om voor de eigenlijke constructie een
idee te vormen over de waterverdeling van de installatie.
|